0

De laffe moordzaak te Heusden (1931)

Geplaatst door Johan Morris op 1 januari 2026 in liedbladen, liederen, Louis Boeren, Over Moord & Rampen |


In 1931 gebeurt er een drama in een café te Heusden: de dochter des huizes, nauwelijks 19 jaar oud, wordt door een afgewezen kandidaat-minnaar doodgeschoten.

Onder andere Gazet van Antwerpen schrijft erover en meldt dat de niet met name genoemde dader de vlucht heeft genomen en spoorloos verdween.
Louis Boeren was meteen in actie geschoten en schreef het hele verhaal rijmend neer in een lied op de droevige melodie van “Le bâtelier de la Volga”.
Twee dagen later komt De Nieuwe Gazet met een vervolgbericht: de dader is gevonden.
Hij was teruggekeerd naar de plaats van de misdaad en heeft zich daar met het moordwapen van het leven beroofd.

Dat wist Louis Boeren nog niet bij het drukken van zijn liedblad, hij zag de dader mettertijd ter dood veroordeeld door het gerecht, maar het ging allemaal iets sneller dan verwacht.

De laffe moordzaak te Heusden

1069 [A] Louis Boeren [C] Emile Liétard (1861-1950)

Vrienden, blijft allen even staan
en hoort mij even aan wat is gebeurd.
Te Heusden, eens zo’n stille oord,
een wrede laffe moord
wordt daar betreurd.

Een braaf fatsoenlijk wezen,
al moest haar lot zo wezen,
die werd bemind door een lastig sujet
die op het meisje zijn zin had gezet.
Maar zij, van harentwege,
onthield hem steeds de zegen.
Zij had nog nimmer zijn liefde gedeeld.
Dat had den lafaard tenslotte verveeld.

De meid, van name Hubertien,
woonde met het gezin in een Café.
Het kind had goed de achttien jaar
dacht nog aan geen gevaar en was tevree.

Maar zie, dat mocht niet wezen,
hij deed haar harte vrezen.
En ziet nu vrienden om zekere reê
kwam hij des avonds weer in het Café.
Hij dronk daar menig pintje
dat laf en wrede vriendje
en bleef daar hangen tot den laten stond,
wijl iedereen zich te ruste bevond.

Haar vader sprak toen vriend’lijk lief:
vertrek nu als je blief, den tijd is daar.
Wij sluiten en daarmee gedaan,
en ik verzoek u reeds maar heen te gaan.

Ik wil, zo sprak de lafaard
met ogen als een wreedaard,
nog even spreken met mijn Hubertien.
Ik wil haar even een stonde nog zien.
Wijl zij nog kwam naar voren
toen was haar lot beschoren.
En hoort nu vrienden, wat deed den barbaar?
Het droevig drama, het noodlot was daar.

De lafaard sprak toen heel gezwind
van liefde en van min, zij spraken saam,
maar voor dat iemand er van wist
toen was die arme meid haar lot beslist.

Want zie, na enk’le stonden
lag daar die meid ten gronde.
Hij schoot haar neer en het moordende lood
had haar getroffen, daar lag ze nu dood.
De lafaard vluchtte henen
en was weldra verdwenen.
Men zal hem vinden, de galg is voorwaar
voor zo een lafaard toch heus niet te zwaar.

PDFlogo Partituur * De laffe moordzaak te Heusden *
MP3logo
      instrumentaal

 Bronnen:
Liedblad Louis Boeren (MUZ0779 pag. 51)
Zangwijze: "Le bâtelier de la Volga"
Krantenberichten: GVA 16 februari 1931,
De Nieuwe Gazet 18 februari 1931

Tags:

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Loading...

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Copyright © 1967-2026 Wreed en Plezant Alle rechten voorbehouden.
Deze site is gemaakt met behulp van het Multi sub-thema, v2.2, bovenop
het bovenliggende thema Desk Mess Mirrored, v2.5, van wordpress.org/themes/desk-mess-mirrored/