Blond is Katrientje
Henri Theunisse (1887-1956) was tijdens het interbellum een succesvolle bedenker van meezingliedjes en de melodieën van zijn grootste hits werden door marktzangers gretig gebruikt. Soms vonden ze het zelfs niet de moeite er een andere tekst op te zetten, het origineel werd immers door iedereen vlot meegezongen.
Ondermeer Tamboer nam zo’n melodietjes over of zong gewoon het origineel:
- Ik heb een huis met een tuintje gehuurd – zie “Als gij te vroeg aan de liefde begint“
- Speelt het hoempa orkest in het straatje – zie “Da mijn lief geen soldaatje moest worden“
- Breng eens een zonnetje onder de mensen – zie “Gij kent de vogels niet aan hunder pluimen“
- In je ogen staat geschreven (1937) – zie “Wij vragen geen oorlog maar wel vrede“
- Het lied van de straat (1938) – zie “De gang van het leven“
Van het lied “Blond is Katrientje” (1939), dat op plaat werd gezet door Bob Scholte en August De Laat, maakte Louis Boeren een eigen versie die eigenlijk vrij dicht bij het origineel bleef, al is zijn “Carolientje” werkzaam in een café en is flirten haar handelsmerk terwijl het blonde Katrientje van Theunisse daarentegen een deugdzame en ijverige boerendochter is die de flirters juist negeert.
Theunisse is ondertussen meer dan 70 jaar geleden overleden waardoor zijn hele oeuvre in principe rechtenvrij is geworden. We verkiezen dus deze keer om de melodie te plaatsen met de originele tekst.
Blond is Katrientje
12 [AC] Henri Theunisse (1887-1956)
Ik ken er een meisje, haar naam is Katrien,
die menige vrijer kon krijgen;
een grappiger vrouwtje heb ik nooit gezien,
maar wie haar ook vraagt, ze blijft zwijgen.
Ze denkt bij zichzelf: “Ik blijf liever gezond,
die mannen, het zijn me daar fijnen!
Ik heb ze niet nodig, ik heb al genoeg
als’k denk aan mijn koeien en zwijnen.
Blond is Katrientje en blond is het hooi,
falderie falderie dee!
Als ze haar tanden laat zien is ze mooi,
falderie falderie dee!
’s Morgens dan melkt ze de koe van de baas,
’s middags dan karnt ze en kneedt ze de kaas.
Blond is Katrienttje en blond is het hooi,
falderie falderie dee !
Bij ’t hanengekraai zit Katrien aan’t ontbijt
en slaat ze haar portie naar binnen.
Als d’anderen zeggen: “nu heb ik genoeg!”,
zegt Trientje: “Ik ga pas beginnen!”.
Ze wordt er niet dik van, want slank is haar lijn,
wel mollig, dat wil ze ook weten.
Ze zegt: “‘k ben geen graat waaraan moeder natuur
de vis helemaal heeft vergeten!”
Maar eens op een dag zal bij blonde Katrien
de man die haar wint toch wel komen.
Dan zal ze een vrouw zijn, zo flink en zo fier,
als iedere man zich zal dromen.
Dan wordt ze het zonnetje van zijn bestaan,
een moeder die leeft voor haar kind’ren,
die lacht om de zorg van het daaglijks bestaan,
wier levenslust nooit zal vermind’ren.
| Partituur * Blond is Katrientje * | |
1. instrumentaal
|
|
2. versie August De Laat
|
Bronnen: Blond is Katrientje Ook gezongen door Bob Scholte in 1938 Opgenomen in 1938 op het label Parlophon B 73091 of Odeon A 164533 matrijs nr. 149253 Muziek en tekst Henri Theunisse.
