Koning Albert (1914)
Met “Het LIEDERBOEK van de BELGISCHE JEUGD” probeerde samensteller Th. Quoibach, “Eere Krijgsaalmoezenier – Leeraar aan ’t Koninklijk Atheneum te Brussel”, zowel Vlaamse als Waalse liederen in het Brusselse onderwijs binnen te smokkelen. Vooraleer hij voltijds leraar werd, was hij verbonden aan het leger, en in de herdrukken die van zijn bundeltje circa 1920 verschenen zijn […]
Van ’t Lieve Kleine Belgenland
In het (fel gehavend) liedschrift van “Simone Carels” – dat was de enige naam die we in het hele bundel terugvonden, maar ondertussen weten we dat Simone als jong meisje haar schrijfkunsten oefende in het oude liedjesschrift van haar moeder Florentine Sterckx (1892-1974) – vonden we als derde lied een kinderlijk vaderlandslievend lied, vol schrijf- en grammaticale […]
’t Haar af
In een anoniem schriftje vond Roger Hessel deze tekst over het meermaals bezongen thema van Duitse soldatenliefjes die na de oorlog werden gekortwiekt en met pek en veren getooid. Niet erg fraai, deze uiting van opgekropte woede na de bevrijding, maar alom toegepast zowel na WOI als na WOII. De tekst is wel vakkundig gemaakt […]